Vragen over drukwerk

SRA3 is een papierformaat dat iets groter is dan A3. De afmetingen zijn 320 mm op 450 mm. Dit geeft de mogelijkheid om A3’s aflopend te drukken om deze dan uit te snijden tot een mooi resultaat.


terug naar overzicht

Bij scratch off gaat men een laagje leggen over het drukwerk dat dat achteraf kan worden weggekrast. Zoals bij krasbiliëtten.


terug naar overzicht

Bij lamineren gaat men de drager als het ware inpakken in een dunne laag kunststof om het te bescherem. Bij geprinte stickers lamineert men enkel aan de voorzijde. De voordelen zijn bescherming tegen water, mechanische krachten en UV stralen.


terug naar overzicht

Bij zeefdruk wordt er gewerkt met een stuk gaas, polyester, zijde of staal wat over een raamwerk gespannen wordt. Door belichting en ontwikkeling ontaan er doorlaatbare en ondoorlaatbare vlakken die de inkt al dan niet doorlaten. De inkt wordt doorheen het zeef aangebracht op de drager. Men kan het procédé herhalen met verschillende kleuren. Deze toepassing is vooral interesant bij bolle voorwerpen bv. Bekers of kledij.


terug naar overzicht

Inkjet is een druktechniek waarbij de printer gerbruik maakt van vloeibare inkt die via één of meerdere printkoppen als het ware op de drager gespoten worden. Er bestaan verschillende soorten inktjetprinters, zoals piëzo-printers en thermische inkjet printers. Er bestaan ook verschillende soorten inkt afhankelijk van het toepassingsgebied, zoals solventinkten.


terug naar overzicht

Met aflopend drukwerk bedoelt men drukwerk dat bedrukt is tot op de rand van het blad. Dit is niet bij elk procédé mogelijk.


terug naar overzicht

Met boren bedoelt men perforeren, het aanbrengen van een gaatje. Dit kan in relatief dikkes tapels gebeuren met een boor, vandaar dat men dan spreekt over boren.


terug naar overzicht

Stansen betekent een bepaalde vorm uit een bepaald materiaal slaan. Als je dus rond drukwerk wilt dan moet men deze toepassing gebruiken. Er moet dan een stansvorm op maat gemaakt worden of je kan gebruik maken van reeds bestaande stansvormen. De handeling gebeurt tegenwoordig machinaal. 


terug naar overzicht

Recto is de voorzijde, verso is de achterzijde. Wanneer bij drukwerk dus recto verso vermeld staat betekent dat dus voor- en achterzijde. Wanneer men spreekt over recto bedoelt men enkel de voorzijde.


terug naar overzicht

Ongestreken papier is papier in zijn zuivere vorm. De vezels staan open en het heeft aldus de neiging om de inkt meer te absorberen. De drukkwaliteit is minder hoogstaand als bij gestreken papier. Het schrijft dan weer beter.
Gestreken papier werd afgewerkt met een of meerdere srijklagen van krijt of porceleinaarde. De vezels worden als het ware toegestreken en is fijner van structuur. Bij gestreken papier komen hoogstaande prints beter tot hun recht.  Het kan een verschillende afwerking hebben meegekregen. Mat, satijnglans of glanzend.


terug naar overzicht

Men kan twee verschillende papiersoorten hebben met eenzelfde grammage maar een andere opdikking. De opdikkende versie is luchtiger en dikker. Zo zal een roman gedrukt op dat opdikkend papier dikker zijn dan zijn normale versie en zal zo gewichtiger lijken.


terug naar overzicht

Grammage is de uitdrukking per vierkante meter van het soortelijk gewicht van het papier of de drager. (bv.: 80gr/m2)


terug naar overzicht

Biegen betekend plooien. Tegenwoordig gebeurt dit machinaal. Het proces gebeurt stuk voor stuk. De vouwcapaciteit hangt af van machine tot machine maar is begrensd in dikte van het papier. Als het papier te dik is moet men eerst rillen.


terug naar overzicht

Rillen betekend een bepaald drukwerk voorzien van een vouwlijn waardoor het mooi op die plaats plooit. Rillen gebeurt meestal stuk voor stuk, dit geeft het beste resultaat. Het gebeurd door middel van een mechanische druk uit te oefen met, als het ware, een bot mes. De grammage van het papier speelt een belangrijke rol tot het bekomen resultaat.


terug naar overzicht

Hier gaat men een bepaald gedeelte van uw drukwerk bewerken met glanzende of matte vernis om de aandacht op een bepaald punt te vestigen. Het wordt ook gebruikt voor decoratieve toepassigen.


terug naar overzicht

Dit is een kleurenspectrum dat zijn toepassing kent op gebied van beeldschermweergave, computer, internet, televisie. RGB staat voor Rood, Groen, Blauw. RGB heeft een ander kleurbereik dan CMYK. RGB kan omgezet worden naar CMYK, maar hier kan een kleurstoring optreden waardoor niet het verwachte resultaat zal behaald worden bij bijvoorbeeld drukwerk.


terug naar overzicht

Pantone kleuren zijn kleuren vastgelegd door het bedrijf Pantone sinds 1963. Ze worden samengesteld weergegeven volgens het CMYK spectrum en het RGB spectrum. Omdat het medium een belangrijke rol speelt bij de uiteindelijke weergave van de kleuren worden ze gebundeld in kleurboeken of kleurwaaiers van verschillende aard.  Hier wordt gebruik gemaakt van verschillende waaiers bijvoorbeeld gestreken papier, ongestreken papier, mat, enz.


terug naar overzicht

Een steunkleur wordt bijvoorbeeld toegepast in het offset drukprocédé. Hier gaat de drukker, in afspraak met de ontwerper, een bepaalde kleur samenstellen, mengen, om in te zetten in het drukproces.


terug naar overzicht

Kleuren volgens het Pantone Matching System. Dit zijn kleuren vastgeled door het bedrijf Pantone die in 1963 hun eerste publicatie voorstelden met vastgelegde kleuren vogens het CMYK mengprincipe. Dit is sindsdien wereldwijd een vaste norm geworden in de kleurcommunicatie tussten grafische ontwerpers, drukkerijen, enz.


terug naar overzicht

Dit is het kleurenspectrum bij uitstek voor het realiseren van drukwerk. Bestanden opgemaakt in RGB (ander kleurenspectrum) kunnen hier niet aangewend worden tenzij er een omzetting plaatsvindt. 
Cyaan – Magenta – Yellow – Key
Cyaan : een combinatie van blauw en groen
Magenta: een combinatie van blauw en rood
Yellow: een combinatie van rood en geel
Key: Zwart


terug naar overzicht

Monochromatisch licht is licht van exact één golflengte. Iets dat monochromatisch is, heeft één enkele kleur. Een monochroom afbeelding, bijvoorbeeld op papier, een beeldscherm, of een projectiescherm, bestaat uit twee kleuren, vaak zwart en wit, afhankelijk van de onderkleur of drager. Zo’n afbeelding kan al of niet ook tussenliggende kleuren (grijstinten) bevatten.


terug naar overzicht

De kosten die gemaakt moeten worden om een bepaald proces op te zetten. Naargelang het gekozen productieproces kunnen deze laag of hoog zijn. Deze kosten zijn onvermijdelijk bij het realiseren van een bepaald product en moeten doorgerekend worden in de kostprijs. Deze kosten zitten uiteraard vervat in uw prijsofferte.


terug naar overzicht

Lithografie is een druktechniek die teruggaat naar 1798 en uit verschillende stappen bestaat. Het is gebaseerd op het principe dat olie en water elkaar afstoten. Een aluminium of plastic plaat wordt hierbij belicht. De belichte delen worden ruw en de onbelichte delen blijven zacht. Daarna gaat men de plaat bevochtigen waarbij het water enkel op de zachte onbelichte delen achterblijft. De belichte, ruwe delen kunnen daarna inkt (olie) opnemen en worden afgeweerd door het water. Bij offset of vlakdruktechniek, de meest gebruikte vorm van lithografie, wordt deze plaat om een cilinder gespannen die de inkt gaat afzetten op een rubbercilinder. Deze gaat op zijn beurt de inkt afzetten op het medium (papier). Naarmate de behoefte zal men verschillende persen na elkaar zetten zodat het volledige beeld in kleur gevormd wordt.

Offset biedt nog steeds de hoogste drukkwaliteit met de meeste mogelijkheden en kleurnauwkeurigheid. Men kan voor een bepaald werk vooraf kleuren mengen die worden ingezet, dit noemt men steunkleuren. Men kan hier kiezen voor bijvoorbeeld Pantone kleuren.

Deze druktechniek wordt pas voordelig als het gaat over grotere oplagen wat begrijpelijk is vanwege de handelingen die vooraf gaan en de daarbij horende opstartkosten. Tegenwoordig gebeurt de eerste stap, belichting van de platen, ook al digitaal die dan eventueel automatisch worden ingezet in het drukproces.

terug naar overzicht

Digitaal drukken of printen is een proces waarin het vormen van het beeld volledig computergestuurd gebeurd. Dat kan op verschillende manieren gebeuren. Met een inkjet printer, deze gaat het beeld als het ware spuiten op de drager door middel van één of meer spuitkoppen en één of meer inkttanks. Deze techniek wordt voornamelijk toegepast bij grootformaat drukwerk zoals spandoeken. Met een digitale drukpers, beter bekend als laser- of ledprinter, waarbij één of meer drukrollen belicht worden en kleurpoeder, toner, afzetten op een rubberband die deze overzet op het gewenste medium. Er zijn uiteraard nog andere procédees, deze techniek kent zijn ontstaan omstreeks 1970 is nog steeds in volle ontwikkeling. Andere toepassingen zijn bijvoorbeeld digitale persen met vaste inkt (was), één van de nieuwste technieken op gebied van grootformaat drukwerk is printen met latex inkt. Deze techniek kent grote voordelen op gebied van snelheid bij het drukproces van bijvoorbeeld stickers voor signalisatie.

Digitaal drukken is voordelig bij kleine oplagen doordat de opstartkosten laag zijn. De kwaliteit heeft de laatste jaren een grote vooruitgang geboekt. De productiekost per vel is nog steeds relatief duur waardoor bij grote oplagen het voordeliger wordt te kiezen voor offset drukwerk.


terug naar overzicht

Van klein tot groot. Van licht tot zwaar. Van Zwart-wit tot full color of steunkleur. Zowel, digitaal, offset, zeefdruk tot flexo. Het hangt er van af wat het project vraagt, wat de meest aangewezen techniek is. Ons gamma varieert van visitekaartjes tot grootformaat spandoeken en vindt u terug bij ons aanbod.


terug naar overzicht

Gerelateerd